Alcoholpreventiebeleid is kansloos

Diverse overheden en zorg- en welzijnsinstellingen slaan al jarenlang de handen ineen voor alcoholpreventiebeleid. Onderzoek biedt immers steeds meer inzicht in de negatieve effecten van alcoholmisbruik. Deze gezamenlijke strijd lijkt een hoog Don Quichotte gehalte te hebben. De machtige en krachtige alcoholindustrie laat namelijk geen communicatie-uiting onbenut om te laten zien dat een gezamenlijk biertje vriendschappen verstevigd en een cocktailtje onmisbaar onderdeel is van een zwoele, spannende avond. Daarnaast zenden ze wel meer kwalijke boodschappen uit. Dat is althans de mening van diverse NGO’s, waaronder het Nederlandse STAP, die samen de ware intenties van de alcoholindustrie willen laten zien. Dat doen ze allereerst in het pamflet ‘Seven Key Messages of the Alcoholindustry’. Is deze strijd hiermee niet kansloos? Zien medewerkers in de preventie of de verslavingszorg hun werk als een gevecht tegen de bierkaai of hebben ze het idee voldoende te bereiken?

Volgens de samenwerkende NGO’s zijn dit de zeven boodschappen die de alcoholindustrie uitzendt:

1. Het consumeren van alcohol is normaal, alledaags, gezond en verantwoordelijk

De gemiddelde drinker is sociaal vaardig en staat, met een alcoholische versnapering, midden in het leven. Het past bij een actieve leefstijl en is in tradities verankerd.

2. De schade die alcohol aanricht, komt voor rekening van een klein groepje onverantwoordelijken

De tweede boodschap die de industrie afgeeft is dat niet het product, maar het karakter van de misbruikers het probleem is. En voor dat kleine groepje onverantwoordelijke alcoholgebruikers, helpen geen collectieve politieke maatregelen. Dat is slechts symboolpolitiek. Bovendien schaden die maatregelen alle gezelligheidsdrinkers, die geen problemen hebben. Die paar sociaal deviante mensen moeten van geval tot geval beoordeeld worden en dito hulp ontvangen.

3. Mensen die niet drinken bestaan niet

Volgens de industrie drinken alleen kinderen jonger dan 16 jaar en zwangere vrouwen niet. Andere burgers drinken wel, en dat past weer binnen een gezellig, sociaal florerend en succesvol leven. Gegevens van de WHO laten echter zien dat wereldwijd 54% van de volwassen bevolking niet drinkt. Het is dus niet zo ongewoon niet te drinken.

4. Negeer de negatieve effecten voor lichaam en geest

De industrie toont nooit de negatieve effecten, maar presenteert haar producten als resultaat van vakmanschap en binnen eeuwenoude sociale traditie. Vooral rondom wijn hangt dit beeld.

5. Preventie helpt alleen als we allemaal samen werken

De industrie belijdt te willen inzetten op het tegengaan en voorkomen van excessen rondom alcoholgebruik, maar denkt feitelijk alleen in omzet. Daarom is de boodschap steeds: er hoeft niet minder te worden gedronken, maar ‘anders’. Om die boodschap te verkondigen en de besluitvorming te beïnvloeden, nemen alcoholproducten ook geregeld plaats in allerhande politieke werkgroepen

6. Alcoholreclame is niet schadelijk. Het helpt de consument een goede keuze te maken

Mensen gaan echt niet meer gebruiken door alle reclames, maar ze raken geïnformeerd en kiezen zo het beste merk. Daarom heeft de industrie wereldwijd ook voor zelfregulerende normen voor reclame gekozen… Ondertussen toont onderzoek aan dat de reclames zeer verleidelijke zijn voor met name jongeren en dat het hun drinkgedrag wel degelijk beïnvloed. Jongeren komen er ook nog eerder mee in aanraking.

7. Inzetten op voorlichting is de beste manier om excessen te voorkomen en tegen te gaan

Effectieve maatregelen (hogere BTW, minimum prijzen, hogere leeftijdslimiet en beperkingen op reclame-uitingen) werken omzetverminderend. Daarom doet de industrie haar best de overheid van de onzin van deze maatregelen te overtuigen. De maatregelen zijn niet effectief en bovendien: zo wordt iedereen die gezellig een glaasje wil drinken weer gestraft voor het misbruik van een enkeling. Een veel beter alternatief is om mensen bewust te maken van de gevolgen en daarvoor wil de industrie zich graag inzetten. Onderzoek laat echter zien dat dit alleen niets oplevert.