Waarom blijft die professional niet langer?

Hoeveel betrokkenheid mag je verwachten van een sociale professional? Vreemde vraag wellicht, bij een beroepsgroep die juist al zoveel engagement met kwetsbare mensen toont. Maar wellicht nog vreemder is het feit dat in deze eeuw één knelpunt standaard op de lijst van oorzaken van falend sociaal beleid staat: gebrek aan personele continuïteit.

Iedere sociale professional zal mij vertellen dat vertrouwen een cruciaal onderdeel in het ontwikkelen van een goede relatie met ‘de cliënt’, stelt Piet-Hein Peeters. Of dat nu de moeder van het multiproblem-gezin is, het groepje hangjongeren of de vereenzaamde verstandelijke gehandicapte. En alleen met die goede relatie kan een succesvolle aanpak van de sociale problemen in kwestie starten. Maar als je dat weet, waarom zijn er dan regelmatig sociale professionals die hun cliënt(en) in de steek laten? Peeters werkt als achtergrond-journalist en dagvoorzitter. Hij leidt met regelmaat conferenties en debatten over sociale kwesties en schrijft onder meer voor TSS.

Toen ik dit een aantal jaar terug aan een zaal vol met die professionals vroeg, was een verontwaardigd gebrom en geblaas het antwoord. Alsof de vraag ‘not done’ is. Maar is dat zo? Als een jonge moeder met forse problemen en weinig vertrouwen in instanties eindelijk een band ontwikkelt met een professional, mag die professional er dan uit stappen op basis van egocentrische argumenten als ‘ik ben aan wat anders toe’? Zou je bijvoorbeeld als psychotherapeut eens moeten proberen.

Dan moet je een ‘warme overdracht’ hebben, roept de sector in zo’n geval. Inderdaad, twee keer met je opvolger op bezoek gaan is in ieder geval de goede manier om je eigen schuldgevoel te sussen. Maar de sociale professional die zich beklaagt over het negatieve publieke imago van het werk, draagt daar toch echt zelf aan bij als hij of zij na anderhalf jaar uit een nog broze, maar wel ontstane relatie stapt. Want dan kun je inderdaad spreken van weggegooid belastinggeld.

Reacties

Het blijft vreemd, dat op

Het blijft vreemd, dat op andere lagen in de organisatie positiever gecommuniceerd wordt over het feit dat de huidige manager een nieuwe uitdaging gevonden heeft. Als het een professional op uitvoerend niveau betreft zou dat plots een ander verhaal zijn? Zou het egocentrisch zijn afstand te nemen om weer eens ruimte te hebben om te kunnen reflecteren op je eigen handelen?

Tijd besteden aan cliënt

Het heeft natuurlijk ook te maken met de manier waarop hulpverlening georganiseerd en gefinancierd wordt. Er zijn heus wel werkers die meer tijd willen besteden maar die zich gedwongen voelen het contact af te ronden omdat zij problemen kregen op basis van resultaatgerichte en budgetfinanciering. Ik heb over dit dilemma afgelopen week deze een blog geschreven voor de site van Zorg en Welzijn.
Overigens ben ik mening dat professionals harder met hun vuist op tafel zouden moeten slaan waar het gaat om het claimen van tijd voor hun klanten.

Een punt, maar...

Ik snap dit punt niet helemaal. De facto laat je als begeleider (met een 'moderne' caseload van tientallen clienten of gezinnen) als je stopt namelijk altijd clienten 'in de steek'. Je voorstel kan toch niet zijn 'begeleiders voor het leven' aan te stellen? De hamvraag is: waarom zijn die mensen zo vaak en zo snel aan 'iets anders toe'? Omdat hun studie ze totaal niet voorbereidt op wat je te wachten staat (bekijk de uitvalcijfers onder jonge zorgprofessionals eens)? Omdat een gemiddelde parkeergaragemedewerker met weinig verantwoordelijkheden, bijna hetzelfde verdient? Omdat een gemiddelde begeleider om aan het wantrouwen van subsidievertsrekkers en indicatieorganen te kunnen beantwoorden de helft van hun tijd bezig zijn met registreren?

Als er eens wat beter gezorgd wordt voor onze zorgprofessionals, zijn ze vast ook niet zo snel toe aan iets nieuws of anders lijkt me.